Resultaten

U bent hier: Home Verhalen Kunst en cultuur De drie Schikgodinnen aan de Lage Bothof...

De drie Schikgodinnen aan de Lage Bothofstraat

800 x bekeken

Frontale foto van het beeld in atelier (archief Pépé Grégoire)
Onthulling van het beeld (uit bedrijfsblad de Mik, geplaatst met toestemming van de stichting Edwina van Heek)
De vroegere fabrieksingang met het beeld (archief Pépé Grégoire)
Close-up van het beeld boven de ingang in 2008 (Slotboom BV)
De kisten met het opgeslagen beeld, bij Slotboom Steenhouwers te Winterswijk 2016 (Marijn Smeehuijzen)

Deel van een bouwtekening voor uitbreiding van weverij Rondweg (Stadsarchief Enschede)
Enkele foto's van de bouw van de nieuwe weverij (uit bedrijfsblad de Mik, geplaatst met toestemming van de stichting Edwina van Heek)
Luchtfoto van weverij Rondweg (geplaatst met toestemming van de stichting Edwina van Heek)
Interieur van de weverij zaal 108 in 1960 (Stadsarchief Enschede)

De oude weverijgebouwen in gebruik als supermarkt 'Profimarkt 2000' (Stadsarchief Enschede)
Het lege terrein waar Rondweg weverij zaal 108 stond in 2016 (foto Tom Niemeijer)

Bron: Stadsarchief Enschede, Stichting Edwina van Heek, Slotboom BV, Tom Niemeijer, Marijn Smeehuijzen, Pépé Grégoire

Het verhaal achter deze foto

Opgestapeld achter in een steenhouwersopslag in Winterswijk staan zes vurenhouten kisten. In de kisten liggen drie stenen vrouwfiguren. Ooit hingen ze in Enschede, boven de ingang waar de textielarbeiders van Van Heek & Co. weverijzaal 108 binnengingen. Ook bekend als de Gherzi-hal, en de Nieuwbouw Rondweg. Wie zijn deze figuren, en hoe komen zij hier?

Begin jaren ’50 was een lastige periode voor de directie van Van Heek & Co. Voor de oorlog breidde het bedrijf flink uit in oostelijke richting, langs de spoorlijn Enschede-Gronau. Rondom de fabrieken Transvaal en Oostburg verrees een hele arbeiderswijk. Maar door de wisselende markt zag het bedrijf zich nu voor het eerst gedwongen tot het nemen van leningen. Buitenlandse immigranten vervingen de Enschedese arbeiders, om de binnenlandse stijgende lonen het hoofd te bieden. De directie zinde op maatregelen om de productie te verhogen, zoals automatiseringen en betere scholing van de arbeiders. In 1955 werd het Zürichse Gherzi Textil Organisation ingehuurd om het bedrijf grondig te analyseren. Zij concludeerden dat het productieproces meer gefocust moest worden. Minder transportkosten, meer kwaliteit. De directie besloot te gaan voor een moderne, nieuwe weverij aangebouwd aan de bestaande Rondweg weverij.

De nieuwe weverij zou in twee etappes gebouwd worden. Eerst het oostelijk deel en daarna een stuk westelijk. In samenwerking met de Gherzi-architecten kwam een plan voor gesloten betonkoepel van 5500 vierkante meter. Met akoestisch plafond, kurkisolatie en een luchtverversingsinstallatie met manshoge kokers en ondergrondse luchtsluizen werd het een (relatief) stille, stofvrije werkplek onder volledige klimaatcontrole. Met de ingestelde 3-ploegendienst waren de werknemers minder blij.

Al voor de officiële opening werd er geproduceerd. Oude spinmachines, voornamelijk uit de naastgelegen weverij ‘Rondweg’, waren overgeplaatst. 31 oktober 1957 om vier uur ‘s middags werden alle machines stopgezet, en werd het laatste weeftouw ‘feestelijk versierd met Nederlandse vlaggetjes’ door directeur Helmich Ledeboer aangezet. Er volgde een bescheiden viering met toespraken en bedankjes in de kantine. Er werd de hoop uitgesproken dat snel met de bouw van het tweede deel aangevangen kon worden. Maar zover zou het nooit komen...

Twee weken later waren er opnieuw feestelijkheden. Van Heek & Co bestond honderd jaar! Het eeuwfeest had een somber tintje. Door financiële tegenslagen achtte men het niet verantwoord een uitbundige revue te bekostigen. Alsnog kreeg het bedrijf deze dag het predicaat ‘Koninklijk’ uitgedeeld. Burgemeester Thomassen gaf een gouden legpenning namens de gemeente. Een hoge onderscheiding voor het bedrijf dat Enschede altijd trouw was gebleven. Namens de 3500 personeelsleden onthulden dhr. Veldboer en dhr. Boersma een gipsen beeld. Het betrof een replica van een reliëfbeeld dat boven de ingang van de nieuwe Weverij Rondweg zou komen te hangen.

Maker van het reliëf was de Amsterdamse beeldhouwer Paul Grégoire. Enkele jaren hiervoor had deze professor aan de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten een reliëf gemaakt voor het ‘Monument op de Dam’ in Amsterdam. Voor de Van Heek weverij zocht hij inspiratie in de Griekse mythologie. De sage van drie schikgodinnen, die als spinsters over het levenslot van de mens beschikken. Hij gaf ze weer als verticale reliëfbeelden, met een horizontale ‘inslag’-balk verwijzend naar het weefselstramien van de textielstoffen.

De figuur links in de reliëfgroep is Clotho, spinster van de levensdraad. Voorzien van spoel en garen creëert zij het leven. Boven haar hoofd een afbeelding die geboorte symboliseert. Naast haar in het midden de weefster Lachesis. Zij wijdt zich toe aan de textuur, kwaliteit en lengte van de levensstof. Ze staat onder een figuur van werkzaamheid. Rechts Atropos, beëindiger van het leven. Gewapend met schaar is deze godin onverbiddelijk. Zij is vergezeld door een illustratie van het sterfproces.
Op de ‘inslag’-balk een aantal afbeeldingen gerelateerd aan de textielindustrie. Het kleden (van de bruid), de wever, het vervoer (de rol stof met de vleugel) en ten slotte het ‘eeuwigdurende’ product (de draperie in het tempeltje).

Het echte beeld werd 15 november 1959 onthuld. Eronder waren de jaartallen van het honderdjarig bestaan ingehakt, de letters VHC (Van Heek & Co) en een kroontje verwijzend naar de nieuwe koninklijke titel. Van Heek’s bedrijfsblad ‘De MIK’ schreef dat allen bij het zien van de kunstschepping “zullen ontdekken dat er naast onze dagelijkse arbeid en de baten daarvan, ook nog andere waarden zijn in het leven, die nimmer onder mogen gaan.”

Nog geen tien jaar later ging het overal in Nederland ging bergafwaarts in de textielindustrie. Van Heek & Co deed er alles aan om te blijven draaien. Maar het mocht niet baten. In 1967 werd begonnen met het overplaatsen van machines van de weverij ‘Rondweg’ naar andere fabrieken. Tegenover de werknemers werden er geen doekjes om gewonden; “U moet er rekening mee houden dat de weverij Rondweg dicht gaat. …Heb geen illusies. Zoek zo snel mogelijk ander werk.” Het was een desastreus jaar. 1700 van de 3700 werknemers ontvingen hun ontslag. Ondanks alle maatregelen en vele miljoenen aan overheidssteun beëindigde Van Heek & Co het jaar daarop al haar productieactiviteiten.

Naastgelegen fabriekscomplexen Transvaal en Oostburg werden in 1977 afgebroken, en het laatste restant van Van Heek & Co liquideerde in 1981. Maar de gebouwen van weverij Rondweg bleven staan. Jarenlang keken de schikgodinnen van Van Heek toe op de Lage Bothofstraat, terwijl de hallen gebruikt werden door onder meer de Kwantum woonwinkel, de Profimarkt 2000 supermarkt en de Zwarte Markt. In 2005 kocht woningcorporatie De Woonplaats de gebouwen, met het idee deze te slopen en de grond te gebruiken voor woningbouw. Nadat de sloopvergunning was aangevraagd bleek echter geen rekening te zijn gehouden met het historische kunstwerk. De Vereniging Familie van Heek en wijkraad Velve-Lindenhof maakten hun zorgen kenbaar en binnen enkele politieke partijen werd de kwestie op de politieke agenda gezet. De woningcorporatie besloot het beeld op te slaan voor latere herplaatsing in de geplande nieuwbouw. In 2009 kreeg het Winterswijks steenhouwersbedrijf Slotboom BV opdracht voor ontmanteling ervan. Het loshakken van de poreuze zandsteen was een delicaat proces van twee weken. Na enkele restauratiewerkzaamheden werd het opgeslagen in hun bedrijf te Winterswijk.

Het gebouw ontworpen door Gherzi zou nog éénmaal gebruikt worden. In 2010 vond er een stadsopera plaats, gewijd aan de herdenking van de vuurwerkramp. Ondertussen is het gesloopt en komt de bebouwing in de rest van de wijk stukje bij beetje dichterbij. Hoelang zal het nog duren, voordat de schikgodinnen de Velve-Lindenhof bewoners weer kunnen herinneren dat er naast hun dagelijkse arbeid en de baten daarvan, ook nog andere waarden zijn in het leven, die nimmer onder mogen gaan?




Tekst: Marijn Smeehuijzen
Geraadpleegde Bronnen:

Roy Weevers, adjunct directeur Slotboom Steenhouwers (interview)

Van Heek N.V. bouwt nieuwe weverij langs de spoorbaan Enschede-Gronau. Twentsche Courant (22-2-1957)
Van Heek gaat in Enschede nieuwe weverij bouwen. Trouw (22-2-1957)
Van Heek en Co N.V. kreeg predikaat “koninklijk”. Tubantia (17-11-1958)
Vakbonden geven voorlichting aan personeel Van Heek. Tubantia (8-4-67)
De MIK, bedrijfsblad Van Heek & Co (jaargangen 12, 13, 14)

Buxton, R. (2004) Griekse mythologie: een compleet en geïllustreerd overzicht. Vianen:The House of Books
Bolk, B. & Buter, A. (1982) Schering en Inslag : Twents-Achterhoekse textiel in 546 foto’s. Hengelo:Witkam
Schevenhoven, P.F. , Bordewijk, H. , Mensema, A.J. (1996) Van Heek & Co, 1817-1968 en de N.V. Boekelosche Stoomblekerij, 1888-1965. Zwolle:Drukkerij Waanders
Schelven, Dr. A.L van (1984) Onderneming en familisme: Opkomst, bloei en neergang van de Textielonderneming Van Heek & Co te Enschede. Leiden:Martinus Nijhoff

Reacties

Er zijn nog geen reacties
Login om te reageren
slider